Nederlands English
Restoration

Begin jaren negentig is de ‘Elisabeth’ terug naar Zeeland gehaald. Guus van Hecke kreeg een aantal mensen enthousiast om deel uit te maken van de Stichting Zeeuwse Schouw. Hans Govers, Sjaak Rijk en ook Martin Ruissaard hielpen een geweldige duw te geven aan een lastig project. In eerste instantie leek het erop dat door de ‘Elisabeth’ op sommige plekken wat op te wrijven en wat bij te werken ze weer stralend voor de dag kon komen. Maar dat viel tegen. De ‘Elisabeth’ bleek inmiddels in een slechtere conditie dan gedacht en gehoopt was. Toch bleef de Stichting Zeeuwse Schouw geloven in een kans van slagen en er werden ruwe schattingen gemaakt over wat dat een restauratie zou gaan kosten.

 

Ook werden zeer gedetaïlleerde tekeningen gemaakt door de Vlaamse autoriteit op het gebied van maritiem erfgoed, Maurice Kaak. Hij bracht het schip opnieuw in kaart door het zeilplan met de ongestaagde steekmast met spriettuig en de te voeren houtmaten te tekenen. Een referentie waar later op gebouwd werd.

In circa 2002 verscheen er licht aan de horizon toen er na overleg met mensen van de provincie Zeeland een begroting kon worden ingediend. Tegelijkertijd was er overleg met de gemeente Goes om te kijken naar de intentie om de ‘Elisabeth’ te restaureren in de vorm van een werkgelegenheidsproject. Het gevolg van al het overleg is dat de ‘Elisabeth’ uiteindelijk in 2004 naar de ‘Oosterscheldewerf’ is gebracht aan de Houtkade in Goes. De feitelijk restauratie kon beginnen.

De ‘Elisabeth’ werd ontdaan van haar doodskleed, het casco werd gefixeerd, maar naar later bleek liep de lijn niet meer zoals het geweest was en moest de zeeg er opnieuw in gebracht worden.

 

Door overleg en de deskundigheid van de verschillende scheepsbouwers en timmerlieden zoals Michiel Verras, Bert Ennik, Peter Maas en Henk Dierkx onder leiding van Cees Droste, kwam de ‘Elisabeth’ weer goed te staan, als uitgangspunt voor het respectievelijk verwijderen van oude delen en het in vorm brengen van het nieuwe Franse eikenhout. Ter plaatse, bij de groothandel (meestentijds van Dijk) werden de bomen uitgezocht ten behoeve van de vlakdelen, de knieën etc.

 

 

 

 

Terug gaan naar het oorspronkelijke uiterlijk, sober, functioneel en zonder luxe. Dat is zoveel mogelijk het uitgangspunt geweest gedurende de bouw. Toen de Stichting Zeeuwse Schouw de ‘Elisabeth’ overnam stond er een gaffeltuig op en was er een ruimere kajuit geplaatst, ter vervanging van het sobere kot welke er origineel op heeft gestaan.

Ook de kluiverboom welke er bij de bouw in 1907 ongetwijfeld op heeft gezeten is er bij de restauratie opnieuw opgezet. Deze kluiverboom is op de beschikbare foto’s uit de tijd dat de ‘Elisabeth’ dienst deed als veerschip niet te zien. Deze zal om praktische redenen niet gebruikt zijn geweest omdat de kluiverboom waarschijnlijk lastig in de weg heeft gezeten bij het veelvuldig afmeren tegen de veerdam op Kamperland en aan de steiger in Veere.

Wat de ‘Elisabeth’ typeert bij het gebruik als veerschip en zich onderscheidt van andere Zeeuwse schouwen, is de aanwezigheid van een ‘kot’. Dit kot heeft dienst gedaan als schuilmogelijkheid voor de passagiers als de weersomstandigheden verre van ideaal waren. De bouw van het kot was laag en stak nauwelijks boven het boeisel uit. Op de beschikbare oude foto’s is dit kot dan ook vaak bijna niet te zien.

 

 

 

 

 

 

 

Ander markant detail, wat goed op één van de oude foto’s van de ‘Elisabeth’ in de haven van Veere te zien is, is de aanwezigheid van twee leuningen aan de voorzijde van het kot teneinde de passagiers de mogelijkheid te geven zich staande te houden tijdens de overtocht.

Ondanks dat het zeker is dat er oorspronkelijk geen motor in de ‘Elisabeth’ heeft gezeten is er toch voor gekozen om in de huidige ‘Elisabeth’ een motor te plaatsen. Na rijp beraad en veel overleg is de motor uiteindelijk voor het kot beland en loopt er nu een verlengde schroefas via een weggewerkte ruimte door het kot naar de schroef. Gelukkig heeft de ruimte tussen de mast en het kot deze noodzakelijke concessie toegelaten.

In het najaar van 2007 is de ‘Elisabeth’ te water gelaten in de Houthaven te Goes en sindsdien is het in de vaart onder beheer van de Stichting Zeeuwse Schouw.



 

 

 

De Stichting Zeeuwse Schouw maakt als werkstichting deel uit van de overkoepelende Stichting Traditioneel Varend Zeeland. Binnen deze groep vallen ook de ‘Avontuur’ (klipper) de ‘Nearebout’ (beurtschip) en de ‘Nieuwe Zorg’. (Zeeuwse mosselschouw welke momenteel op de ‘Oosterscheldewerf’ gerestaureerd wordt)

 

Bovenstaande foto’s van de restauratie zijn afkomstig van:
Michiel Verras en Gert-Jan Nijsse.

Onze dank hiervoor!